Hij/zij kan snel vaststellen of je al dan niet zwanger bent door je vagina en baarmoeder te onderzoeken. De baarmoeder van een zwangere vrouw is immers anders; vanaf het eerste moment van zwangerschap wordt de baarmoeder groter en krijgt een andere vorm. Je dokter zal daarna ook een bloedonderzoek voorstellen dat de diagnose snel kan bevestigen op basis van de hoeveelheid zwangerschapshormoon (HCG) dat zich in je bloed bevindt.
Het gaat hier niet om het eerste verplicht bezoek maar om een raadpleging ter controle en ter bevestiging van de zwangerschap. Deze raadpleging is belangrijk omdat het dadelijk mogelijk is om sommige afwijkingen, zoals een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, vast te stellen.
Je dokter zal zich altijd op de datum van je laatste menstruatie baseren om het aantal weken zwangerschap te berekenen. Hij baseert zich niet op de vermoedelijke datum van bevruchting omdat die datum moeilijk te bepalen is. Hij telt het aantal weken waarin je geen menstruatie hebt gehad (een woord dat dikwijls gebruikt wordt om te verwijzen naar het uitblijven van menstruatie is ‘amenorroe').
De zwangerschap duurt ongeveer 40 weken ‘amenorroe', m.a.w. 280 dagen vanaf de eerste dag van je laatste menstruatie. De vermoedelijke datum van je zwangerschap blijft echter theoretisch. Op enkele dagen na, is het onmogelijk de exacte datum van je bevalling te berekenen. Je doet er dus goed aan je enkele weken voor de vermoedelijke datum van bevalling reeds voor te bereiden; leg bijvoorbeeld al alles klaar dat je mee naar het ziekenhuis wil nemen.